‘Als je niet weet wat een steeksleutel 13 is, stopt het’

Voor Walter Zanten hoort engineering niet alleen achter een computer plaats te vinden. Een goede engineer moet ook begrijpen wat er in de werkplaats gebeurt. Hoe iets wordt gebouwd, waar een bout komt te zitten en waarom een bepaalde maat in de praktijk wel of niet werkt. Precies dat was een van de redenen waarom hij Mantrec Engineering begon. “Ik had het ideaal om de theorie bij de praktijk te voegen.”

Want tussen tekenen en maken zit volgens Walter soms nog een te grote afstand. Engineers bedenken en berekenen een constructie, waarna iemand anders ermee aan de slag moet. Bij Mantrec probeert hij die werelden juist bij elkaar te houden. “Ik zeg altijd een beetje triggerend: als je niet weet wat steeksleutel 13 is, dan hoor je eigenlijk ook niet in engineering thuis.”

Hij zegt het met een lach, maar meent het wel. Je hoeft niet alles al te kunnen, maar je moet nieuwsgierig zijn naar hoe iets werkelijk in elkaar zit. “Je moet willen weten hoe iets vastzit, waarom een maat klopt en wat er gebeurt als jouw tekening straks beneden in de werkplaats wordt gemaakt.”

Dat zie je ook terug in het soort opdrachten dat Mantrec doet. Het bureau werkt aan offshoreconstructies, methanol- en CO2-skids, maar net zo goed aan kleinere rekenklussen voor bijvoorbeeld theatertechniek. Juist die afwisseling vindt Walter aantrekkelijk. “Ook kleine bakken vind ik mooi. Rekenklussen voor theatertechniek. We zijn voor grote partijen bezig met CO2-skids en met methanol. Allemaal prachtig werk.”

Het zijn bovendien zelden opdrachten die je op routine kunt afhandelen. “Het is geen pakje boter waarvan je zegt: doe er maar tien in een doos.” Elke klus vraagt opnieuw om uitzoeken, rekenen en nadenken. De klant is anders, de toepassing verschilt en soms zit het probleem ergens waar je het vooraf niet verwacht.”

Vrijheid, maar geen vrijblijvendheid

Dat vraagt ook iets van de mensen die bij Mantrec werken. Walter zoekt geen engineers die wachten op een compleet uitgeschreven opdracht en daarna alleen uitvoeren wat er staat. “Eigen inbreng staat hoog in het vaandel bij ons. Je moet willen leren. Je moet kunnen schakelen.”

Bij het aannemen van mensen kijkt hij daarom niet alleen naar diploma’s en technische kennis. Ook wat iemand daarnaast heeft gedaan, zegt hem iets. Een bijbaan in een keuken of in de afwas kan juist in iemands voordeel werken. “Dat laat zien dat je bereid bent om aan te pakken.”

Maar belangstelling voor techniek moet er wel zijn. Iemand hoeft bij binnenkomst niet ieder detail te kennen, zolang diegene maar wil begrijpen hoe dingen werken. “Als je een tekening niet wil lezen en je weet absoluut niet of het M5 of M6 is, stop dan maar.”

Die zelfstandigheid betekent voor Walter overigens niet dat mensen zich voortdurend moeten bewijzen door lange dagen te maken. Een keer doorwerken omdat een klus af moet, hoort erbij. Maar over de kop werken niet. “Ik zeg altijd: in veertig uur moet het kunnen.”

Diezelfde nuchterheid heeft hij als het over de groei van Mantrec gaat. Het bureau hoeft niet zo snel mogelijk zo groot mogelijk te worden. Liever bouwt Walter aan een compact team waarin mensen elkaar kennen, makkelijk bij elkaar binnenlopen en weten waar de ander mee bezig is. “Een man of zeven, acht. Misschien straks tien. Met een flexibele schil eromheen.”

Want uiteindelijk zit groei voor hem niet alleen in meer mensen of grotere opdrachten. “Ik vind het belangrijk dat we met z’n allen hier zitten, dat we het naar ons zin hebben en dat we vooruitkijken naar een mooie workload.”

Misschien is dat wel de beste samenvatting van Mantrec: serieus over techniek, nuchter over groei en altijd met één been in de werkplaats.

 

Bekijk meer artikelen

Michiel

Benieuwd naar de mogelijkheden?

Laten we kennismaken

– Michiel Helder, eigenaar